|
Copyright © Optologisch
Centrum Purmerend
|
leerproblemen
concentratie
lees-
en
spellingsproblemen
ruimtelijk
inzicht
rekenproblemen
creativiteit
sociaal-emotionele
problemen
Leerproblemen kunnen mede door een niet optimaal visueel
systeem veroorzaakt worden. We moeten dan niet alleen
denken aan het scherpzien wat problemen kan veroorzaken,
maar vooral aan het stabiel fixeren van de ogen, het
verspringen van de ogen, het goed volgen met de ogen, het
zien van ruimte en het begrijpen van de ruimte. Maar ook
als de vaardigheden zoals de ooghandcoordinatie en het
integreren van waarneming met geluid onvoldoende zijn,
kan dat de nodige problemen geven.
concentratie
In ons vak meten we
een viertal oorzaken van concentratieverlies.
Lage accommodatieamplitude (het scherpstellen in het
nabij gebied) leidt tot verlies van visuele aandacht. Dit
leidt weer tot begripsvermindering, hoge afleidbaarheid
en dus concentratieproblemen.
Zwakke convergentie (het richten van de ogen op
één punt in de ruimte) geeft instabiele
visuele informatie. Dit is heel verwarrend, want bij het
lezen verandert de plaat van de letters, of de plaats van
de woorden in de zin. Hierdoor kan je je aandacht niet
richten en krijg je last van perifere interferentie. Dit
houdt in dat de omgevingswaarneming zich gaat opdringen
en je daardoor afgeleid zal worden.
Een perifere waarnemer (naar buiten gericht) geeft
onvoldoende centrale herkenning. Er is dan relatief veel
tijd nodig om te begrijpen wat er staat in de tekst.
Daar tegenover staat een centrale waarneming. Heel
gedetailleerd wordt waargenomen waarbij verlies van
oriëntatie optreedt, waardoor de informatiestroom
stagneert. Deze beide waarnemingsstrategien leveren
echter onvoldoende identificatie op waardoor niet
begrepen wordt wat er is waargenomen. Dus de aandacht
gaat weg naar iets anders wat we wel begrijpen.
begin
pagina
lees- en
spellingsproblemen
Automatisering en zintuiglijke integratie zijn
voorwaarden om zonder problemen goed te kunnen lezen en
spellen.Aan het begin van hun schoolloopbaan wordt weinig
rekening gehouden met het niveau van de ontwikkeling van
de kinderen op dit gebied. Ze voldoen dus vaak niet aan
de schoolse startvoorwaarden: motorische symmetrie, een
afgerond lateralisatieproces, goede oog-handcoordinatie,
besef van directionaliteit, van vormconstante en
motorvrije perceptie.
De optoloog kan deze deelvaardigheden meten en testen en
de problemen verklaren vanuit het ontwikkelingsmodel.
begin
pagina
ruimtelijk
inzicht
De visuele ruimte die we ervaren onstaat door het
waarnemen met twee ogen en de oogbeweging. Twee ogen
kijken elk naar het zelfde object, maar door de
verschillende waarnemingshoek zijn de beelden niet
identiek. Hierdoor zien we diepte (stereoscopie). Weten
wáár de objekten in de ruimte zijn, wordt
bepaald door de oogbeweging (plaatsbepaling). Door
hiermee veel ervaring op te doen wordt je voorstelling
over de ruimte betrouwbaar. Nu kunnen we in gedachten met
de ruimte en de voorwerpen daarin manipuleren (spiegelen,
draaien, omkeren en omklappen). Hierdoor wordt ruimte
voorspelbaar en logisch.
begin
pagina
rekenproblemen
Rekenen leer je eerst concreet op je vingers. Als je ze
niet meer nodig hebt gebruik je je voorstellingsvermogen
(visualisatie). In combinatie met ritme en ordening kan
je taken gaan oplossen. Bij moeilijkere opdrachten is het
noodzakelijk om over een goede automatisering van
getallen en reeksen te beschikken. Beperkingen in visuele
deelfuncties leiden tot slechte visualisatieprocessen.
Beide zijn in de visuele analyse op te sporen en d.m.v.
training en therapeutische glazen te ontwikkelen.
begin
pagina
creativiteit
Het maken van visualisatie en het op roepen van nieuwe
associaties leidt tot creatieve processen. Concreet
denken en handelen , niet voorstellend, leidt tot
stereotyp gedrag. Dit is eenzijdig gedrag en duidt op
onvoldoende samenwerking tussen de beide hersenhelften.
Dit functioneren beperkt de integratie van alle
informatie die je tot je beschikking hebt. Er is dus geen
vrijheid en autonomie.
begin
pagina
sociaal emotionele
problemen
Door postieve reacties uit de omving blijft de mens zijn
aangeboren gevoel van zekerheid houden. Echter, lang niet
altijd is de omgeving voorspelbaar en veilig. Je moet dus
leren waar te nemen wat er gebeurt om je heen. Door
juiste interpretatie hiervan kan je voorkomen dat je
negatieve reacties oproept uit je omgeving. Doe je dit
verkeerd dan gebeurt dit juist wél en neemt je
gevoel van eigenwaarde af en word je onzekerder en kan je
in een negatieve spiraal terecht komen. Het gevoel van
onzekerheid en onveiligheid is de bron van ongewenst
gedrag, zoals b.v.:agressie, jaloezie,angst, liegen,
pesten, depressie, enz.
begin
pagina
|
Type het woord in waarop
u wilt
zoeken in het onderstaande
venster en druk op de knop
Find!
|