|
Copyright © Optologisch
Centrum Purmerend
|
gedrag
kijk
gedrag
globaal-
en detailgericht gedrag
impressie-
en expressiegericht gedrag
roekeloos
gedrag
dominant
gedrag
onzeker
gedrag
angstig
gedrag
Kijken is iets wat je zelf
doet. Het is een gedrag. Dit is meetbaar met de visuele
analyse. Je kunt leren het efficiënter te doen. De
optoloog ondersteunt dit proces d.m.v. bril en visuele
training.
Aan de andere kant wordt gedrag voor een groot deel
bepaald door waarneming: herkenning en voorstelling
(identificatie en visualisatie). Weten wát je ziet
en wáár het is, bepaalt onze reactie op de
situatie. Een goede visuele voorstelling maakt optimaal
handelen mogelijk.
globaal- en detailgericht
gedrag
In de visuele analyse kan uitstekend aangetoond worden
welke voorkeur de persoon heeft in het waarnemen: globaal
of detailgericht. De termen centraal en perifeer
waarnemen worden hiervoor ook gebruikt. Een detailgericht
kijkgedrag toont een grote voorkeur voor het selecteren
van kleine, soms priegelige gedeelten uit het hele
visuele veld. De persoon die zo kijkt, heeft weinig
overzicht en zal reageren op kleine, soms onbelangrijke
dingen. Dit systeem is erg geschikt om mee te lezen en je
treft dan ook veel detailkijkers onder fanatieke lezers
aan. Zij zijn vaak introvert, zitten veel binnen, en
redeneren graag. Hier tegenover staan de globale kijkers.
Zij negeren details en beschouwen ze als onbelangrijk.
Dit type mens is vaak actiever in de grote ruimte; hebben
een nonchalante houding en hebben de
nijging snel afgeleid te zijn.
Het zou mooi zijn als je beide strategieën je eigen
maakt en ze toepast op de momenten wanneer ze het meest
van nut zijn.
begin
pagina
impressie en expressie
georienteerd gedrag
Net als bij de voorkeur voor
detail- of globaalgericht kijken, is er een onderscheid
te maken in het kijkgedrag:naar binnen (impressief) en
naar buiten gericht (expressief).
Mensen die ingesteld zijn
op expressie, negeren informatie uit hun omgeving: hun
gedrag zal gestuurd worden vanuit de voorstelling die ze
hebben over de wereld om zich heen. Deze zal niet altijd
overeen komen met de realiteit. Om goed op een situatie
te kunnen reageren moet je die kunnen waarnemen en
interpreteren.
Iemand die impressie gericht is, heeft vaak moeite zich
dingen voor te stellen: zijn gedrag zal reactief zijn en
deze persoon zal het moeilijk vinden vooraf zich voor te
bereiden op acties.
Om goed te functioneren moet je beide vaardigheden hebben
ontwikkeld.
Met name in de visuele training kan je deze goed
aanleren.
begin
pagina
roekeloos
Wanneer de visuele herkenning en ruimte organisatie
onvoldoende nauwkeurig geinterpreteerd worden en de
omgeving beschermend is, kan dit leiden tot
ongecontroleerd gedrag. Het gedrag kan zelfs onveilig
genoemd kan worden. Het kind ervaart dit niet als zodanig
omdat hij of zij er niet de nadelig gevolgen van
ondervindt. Er wordt te weing gebruik gemaakt van eigen
perceptie en te veel vertrouwd op het veilig zijn van de
omgeving en het beschermend ingrijpen van de anderen.
begin
pagina
dominantie
Er zijn kinderen met
dominant gedrag. Dit kan verklaard worden door een zwak
ontwikkeld voorstellingsvermogen. Wanneer je je niet kunt
voostelllen hoe anderen jouw handelen interpreteren en
ervaren, kan dit leiden tot het superieur stellen van je
eigen voorstellingen, ideeën en overtuigingen .
Hierdoor wordt het eigen beeld en doel altijd als het
juiste en enige goede gesteld. Het gebrek om in te zien
dat er vaak meerdere mogelijkheden zijn zal dit nog
versterken.(relativering ontbreekt)
begin
pagina
onzekerheid
Het weten
wáár je bent in de ruimte, het voelen van
je lichaam, het weten waar mensen en voorwerpen zijn, het
voorzien hoe dingen in de ruimte zullen veranderen,
zónder na te denken en er adequaat op te reageren,
zorgt ervoor dat je je ergens zeker voelt. Kan je dit
niet goed, dan zal er onzekerheid, angst en/of
terughoudendheid ontstaan. Door sociale interactie kan
dit juist afnemen of versterkt worden
begin
pagina
angst
Plaatsbepalingen in
de ruimte door oogbeweging vertelt je wáár
iets is. De factor tijd bepaalt wannéér
iets ergens in de ruimte zal zijn. Wanneer dit
onvoldoende visueel georganiseerd is, zullen veel
omstandigheden bedreigend zijn. Denk hierbij aan het
weten hoe hoog iets is, hoe hard ga ik, wanneer is het
bij me, en hoe moet ik er op reageren. Wanneer er
onvoldoende tijd-ruimte organisatie is, zal angst een
mogelijk reactie zijn. Een vlucht of vecht reactie zal
het gevolg zijn. In het vervolg zal je dit (hoogte,
snelheid, orientatie etc) zoveel mogelijk proberen te
ontwijken. Bij herhaling zullen de fysieke verschijnselen
toenemen en de angst vergroten.
begin
pagina
|
Type het woord in waarop
u wilt
zoeken in het onderstaande
venster en druk op de knop
Find!
|